Tien jaar geleden begon Tamara Vreeken met iets wat toen nog nauwelijks bestond: een beweging die dyslexie niet benadert als stoornis, maar als een anders werkend brein - met uitdagingen én kwaliteiten. Het tienjarig bestaan van de HOI Foundation staat in het teken van zichtbaar maken wat die missie heeft betekend: concrete impact op levens van dyslectische mensen. Op kinderen, ouders, professionals en volwassenen die zichzelf dankzij een andere blik opnieuw leerden kennen.
Toen Tamara zelf op school zat, in de jaren zeventig, bestond dyslexie officieel nog niet. Of althans: niet in de klas. ‘Ik werd gezien als lui en dom. Ga jij maar achter in de klas zitten, het wordt toch nooit iets met jou. En daar ga je in geloven.’ Ze was stil, verlegen, angstig. Rond haar negende, ontdekte haar moeder - via een Amerikaanse vriendin en Amerikaanse literatuur - dat er een naam was voor wat Tamara, haar broer en haar vader hadden. Dyslexie.
Haar ervaring op de basisschool liet bij Tamara sporen na. Niet zozeer door het leren lezen en schrijven zelf, maar door wat het deed met haar zelfbeeld. ‘Onzekerheid, schaamte, faalangst - dat neem je overal mee naartoe.’
Jaren later, toen haar drie kinderen naar school gingen, zag Tamara iets wat haar raakte. ‘Er was wel degelijk iets veranderd. Dyslexie werd herkend, er waren methodes. Maar ik zag mijn kinderen alsnog onzeker worden. Angstig. En toen dacht ik: hoe kan het dat hier niemand echt mee bezig is?’
Die vraag werd het startpunt van de HOI Foundation. ‘Waarom maken we deze kinderen nog steeds stuk op school?’
‘Waarom maken we deze kinderen nog steeds stuk?’
Van stoornis naar anders werkend brein
De dominante benadering van dyslexie is lange tijd medisch geweest: een leerstoornis die moet worden behandeld. Tamara noemt dat dyslexie 1.0. ‘Die fase was belangrijk. Dankzij onderzoek weten we veel meer over de uitdagingenkant.’
Maar daar bleef het te vaak bij. ‘We weten inmiddels dat het welbevinden van dyslectische kinderen zorgwekkend is. Een groot deel kampt met een negatief zelfbeeld, stressklachten, zelfs burn-out. En daar deden we nauwelijks iets mee.
‘Lezen en spellen zijn een uitdaging, maar een beschadigd zelfbeeld is het echte probleem’
HOI pleit daarom voor dyslexie 2.0: een verschuiving in taal, denken en handelen. ‘Het ‘hele’ verhaal vertellen. Want iedereen heeft uitdagingen en kwaliteiten. Dus waar blink je in uit? Waar is jouw brein voor gemaakt? Want met geloof in je eigen kunnen kun je pas echt leren.’
Dyslexie als kans
Een belangrijk fundament onder die visie kwam uit de Verenigde Staten. Het boek Dyslexic Advantage, geschreven door twee wetenschappers, beschrijft de denkvaardigheden waarin veel dyslectische mensen uitblinken. ‘Toen ik dat las, dacht ik: dit is mijn hoofd. Alles viel op zijn plek.’
HOI liet het boek vertalen naar Dyslexie als kans. Binnen twee maanden was het uitverkocht. ‘Dat liet zien hoe groot de behoefte was aan deze kennis.’
Uit dat gedachtegoed ontstonden de zogeheten STER-krachten: vier denkvaardigheden waarin dyslectische breinen vaak uitblinken. ‘Ik ben in tien jaar nog geen enkele dyslect tegengekomen die zichzelf niet in één of meer van de STER-krachten herkende.’
De magie van zelfvertrouwen
Die kennis vertaalt HOI naar de praktijk, onder andere via de Happy Dyslectisch Club: een psycho-educatieprogramma voor kinderen. In kleine groepen ontdekken zij waar ze goed in zijn en hoe ze die kwaliteiten kunnen inzetten.
‘Ik noem het altijd magisch,’ zegt Tamara. ‘Kinderen komen binnen met weerstand - “oh nee, weer iets met dyslexie”. En na drie lessen lopen ze trots de deur uit, met een button op hun trui. Ze snappen: hierdoor gaan sommige dingen lastig. Maar in deze dingen ben ik juist heel goed. Mijn brein werkt gewoon anders.’
Het programma wordt vooral op scholen gegeven, maar ook in praktijken en andere settings. ‘En bijna elke school wil méér dan die drie lessen. Omdat ze zien wat het doet.’
Rolmodellen en herkenning
Om ervoor te zorgen dat de beweging van dyslexie 2.0 verder wordt gebracht, legt HOI vanaf het begin contact met bijzondere rolmodellen. Bekende dyslecten als Adriaan van Dis en Joop van den Ende verbonden hun naam aan de stichting. ‘Niet om succes te verheerlijken, maar om te laten zien: je kunt worden wie je wilt. Zelfs schrijver.’
Opvallend is dat veel geslaagde ondernemers dyslectisch zijn. ‘Maar als je met ze praat, hoor je bijna altijd hetzelfde: een rottijd op school. Het verschil zit vaak in zelfvertrouwen. Dat behouden - of terugvinden - is cruciaal.’
Tien jaar later: verhalen die verder reiken
In het jubileumjaar deelt HOI tien persoonlijke verhalen van dyslecten. Geen jubelverhalen, maar eerlijke portretten. Het doel is herkenning én beweging. ‘Als mensen het lezen en denken: hé, zo werkt mijn brein dus ook - dan gebeurt er iets. Dan ontstaan er kansen.’
De stip op de horizon? Overbodig worden. ‘Als iedereen dyslexie 2.0 kent, zijn wij niet meer nodig.’ Tot die tijd blijft de missie onverminderd noodzakelijk. ‘Ik sta nog steeds iedere dag op met het gevoel van urgentie. Ik wil zoveel mogelijk mensen bereiken voor meer begrip en ik blijf me inzetten voor een positiever zelfbeeld voor elke dyslect.’