Hella Hueck is journalist en moeder van twee dochters. Ze is zelf niet dyslectisch, maar haar jongste dochter wel. Als ouder was het een zoektocht naar hoe ze haar dochter beter kon begrijpen en ondersteunen. ‘Ik zag haar worstelen. En tegelijk dacht ik: er gebeurt ook iets anders.’
Hella: ‘Ik denk dat het in de tweede helft van de basisschool was, dat we zagen: hé, dat lezen lukt niet goed. Mijn dochter haalde slechte cijfers voor taal. Als ze een tekst las, miste ze nét de belangrijke informatie. Dat was verwarrend, want ze had wel probleemoplossend vermogen. Maar als je de tekst niet goed begrijpt, ga je toch de verkeerde dingen doen.’
Hella ziet het zelfvertrouwen van haar dochter wegzakken.’ Het sluipt erin: hoe ze naar school kijkt, en naar zichzelf. ‘Ze had echt het gevoel: ze vinden me dom. Dat is als ouder natuurlijk niet leuk om te zien.’
Thuis is de vergelijking met Hella’s andere dochter confronterend. ‘Zij las veel, leerde makkelijk, ging naar het gymnasium en kon zich altijd heel goed concentreren. Mijn dochters hebben altijd een goede band gehad, maar toch zag ik haar denken: waarom gaat het mijn zus zo makkelijk af en moet ik zo knokken? Als ouder heb je ook niet meteen een antwoord op die vraag.’
De reflex om te helpen
In diezelfde periode probeert Hella te doen wat logisch voelt: helpen en bijsturen.
‘In het begin begreep ik het denk ik niet goed. Toen wisten we ook nog niet dat ze dyslectisch is. Achteraf gezien heb ik daar niet altijd goed op gereageerd. Dan zei ik: concentreren! Doe nou even je best. Doe je het erom of zo? Je gaat duwen. En dat werkt helemaal niet. Het wordt alleen maar ellendiger.’
Wat volgt, is weerstand. ‘Ze wilde dan niet meer samen naar een tekst kijken. Dan kom je in een soort conflict. Langzaam groeide ook het besef dat het niet ging over onwil. Zij kon er niks aan doen.’
Wanneer duidelijk wordt dat het om dyslexie gaat, valt er iets op zijn plek. ‘Toen dacht ik: ah oké, logisch.’ Het opent de weg naar een andere manier van reageren. ‘Je krijgt meer begrip. En dat leidt tot betere ondersteuning.’ Ze gaan op zoek naar hulp. Praten met anderen, proberen uit wat werkt.
ADHD
‘Gaandeweg zag ik dat er ook een link was met ADHD. En daar herkende ik wel dingen. Ik heb het zelf nooit laten testen. Maar qua planningsvaardigheden, impulsiviteit, daar lijken mijn dochter en ik wel op elkaar. En mijn vader en zus zijn ook zo. Achteraf herinnerde ik me de kleuterjuf, die al zei dat mijn dochter altijd iets in haar hand moest hebben, om zich te kunnen concentreren. Misschien was dat wel het eerste teken dat ik heb genegeerd.’
‘Intelligentie is veel breder dan wat school meet’
Kijken vanuit een ander perspectief
Zoals ze gewend is, duikt Hella er verder in. Als journalist leest ze veel, spreekt ze mensen en schrijft ze erover. In 2023 verwerkt ze haar kennis over dyslexie in een groot artikel in het FD. Zo komt ze in contact met Tamara Vreeken en HOI. Ze volgt het psycho-educatieprogramma. Het artikel raakt een snaar. ‘Mijn mailbox zat echt bomvol. Mensen waren ontroerd en herkenden zich. Ik heb nog nooit zoveel reacties gekregen op een stuk.’
Wat Hella vooral bijblijft, zijn de terugkerende verhalen van mensen die zich niet gezien voelden. ‘Er zat veel leed in die reacties. Veel mensen die dachten dat ze dom waren.’
Haar eigen blik verandert. ‘Het verhaal over dyslexie is vaak zo negatief. En dat is zo jammer. Alsof je met dyslexie alleen maar iemand bent die moeite heeft met lezen en schrijven.’
Zoeken naar wat werkt
In het dagelijks leven met haar dochter blijft het zoeken, maar is er ook meer rust. ‘Ze is zeventien en zit in de bovenbouw van de middelbare school. Het gaat goed. Ze moet er hard voor werken. Lezen kost nog steeds veel tijd, huiswerk vraagt veel energie. Maar ondertussen hebben we andere manieren ontdekt. We gebruiken luisterboeken, uitlegvideo’s. Of ze luistert iets op de fiets. Het hoeft niet op één manier. Als je het maar leert. Iedereen heeft zijn eigen leermethode. Er is zoveel online te vinden.’
Dat ze in de bovenbouw vakken heeft gekozen die bij haar passen, scheelt. ‘Wiskunde, natuurkunde en scheikunde liggen haar beter.’ En ze heeft geleerd om hulp te vragen. ‘Dat is heel fijn, want niet altijd vanzelfsprekend. Als je ergens onzeker over bent, vraag je vaak juist geen hulp, omdat je denkt dat het dom is.’
‘Kijk naar je kind en probeer te begrijpen wat
er speelt’
Waar ze nu staat
Hella denkt dat ze ook veranderd is in haar moederrol. ‘Ik heb geleerd dat intelligentie veel breder is dan wat je op school meet. Ik heb geprobeerd meer afstand te nemen. Als je minder botst, wordt het voor haar ook makkelijker om hulp te vragen. Al denk ik dat zij soms nog wel vindt dat ik er te veel bovenop zit.’
Ze glimlacht. ‘Omdat ik journalist ben, verbeter ik nog weleens. Dat vindt ze irritant. Maar het is ook een soort liefde. Mensen die dichtbij je staan, geven feedback.’
Voor ouders die aan het begin staan, heeft ze nog wel een advies. ‘Ouderschap is een beetje een kameleon zijn. Je moet de kleur aannemen van wat je kind nodig heeft. Kijk naar je kind en probeer te begrijpen wat er speelt. Focus niet alleen op wat er niet lukt.’